Happy Chick

Albert Camus – by Anna Bolten

We moeten ons Sisyphus als een gelukkig mens voorstellen.

Dat schreef de Franse filosoof Albert Camus. De held uit de Griekse mythe was in opstand gekomen tegen de goden, en werd gestraft met zinloosheid: gedoemd om dag in dag uit een rots tegen een berg op te duwen, die vervolgens naar beneden rolde, waarop zijn zware taak opnieuw begon – tot in de eeuwigheid. Dit lot maakt Sisyphus tot de ideale absurde held; en ook wij, beweert Camus, moeten de absurditeit van ons leven omarmen en zo overwinnen.  

In mijn slaapkamer staat al maanden een Ikeakastje geduldig te wachten om in elkaar gezet te worden. Ik ben vreselijk onhandig, dus het is echt iets voor mijn vriend (mijn held). Stef heeft mijn hints tot nog toe genegeerd. Ik verdenk hem van een soort magisch denken: als je een klusje direct uitvoert, dan dient het volgende klusje zich des te sneller aan – dus doe vooral rustig aan.   

Dat doe ik: inmiddels zit ik in seizoen 2 van The Good Place, een filosofische comedy over een fictief hiernamaals. Een van de personages is de onsterfelijke M., die, vermomd in menselijke verschijning, een soort ambtenaarsfunctie bekleedt in De Goede Plek. In aflevering 4 moet M. lessen ethiek volgen: leren wat het betekent om een goed mens te zijn. Eerst lacht M. de ‘stupid humans’ uit:

Haha Ik ben een mens en mijn ademhalingsbuis zit naast mijn eetbuis. En kijk, mijn armen eindigen in stomme kleine stokjes.

Dan probeert Chidi, de ethiekprofessor die buikpijn krijgt van morele dilemma’s, zijn lessen effectiever te maken door M. te confronteren met het idee van sterfelijkheid. 

Voordat ik hem leer om goed te zijn, moet ik hem dwingen te beseffen wat wij mensen ook weten: dat het leven eindig is en dat daarom onze handelingen betekenis hebben.

Chidi legt het uit. Imagine: no more M. Waarop de onsterfelijke M. voor zich uit staart, en dan precies De Schreeuw van Edvard Munch uitbeeldt, de mond opengesperd, de handen langs het gezicht. Chidi, blij met de existentiële crisis waar hij op uit was, springt vrolijk op, gaat op zoek naar het logische vervolg: het werk van Albert Camus. 

Ik spoel terug en laat het zien aan Stef. Via de absurditeit van het leven, Albert Camus en het geluk van Sisyphus probeer ik duidelijk te maken dat klusjes heel nuttig zijn voor je welbevinden. Iedere dag weer een klusje. Een Ikea-kastje bijvoorbeeld. 

De beste klusjes zijn moeilijk, maar net niet te moeilijk. Mihaly Csikszentmihalyi (spreek uit: chick sent me high) heeft het over Flow: een nastrevenswaardige bewustzijnstoestand waarin je opgaat in een uitdagende taak, maar waarin je je tegelijkertijd nauwelijks bewust bent van jezelf, – laat staan dat je je laat afleiden door je eigen negatieve commentaar. 

Ik wil dit stukje nu wegklikken om te gaan werken aan een andere column, half in de steigers; of nog een ander stukje, met meer potentie; of weer een ander, actueler stuk. Dan bedenk ik nog een reden voor het geluk van Sisyphus: hij leed niet aan uitstelgedrag. Hij wist wat hem te doen stond. Done is better than perfect. Ook als dat rotsblok morgen of volgende week opnieuw naar boven moet.