Hagelstenen

ZKZV – zeer kort zomerverhaal

We worden gewekt door een geluid als van grind op golfplaat. Het past inmiddels bij de zomer, bij dit huis. Een paar decennia geleden was het een A-locatie, beschermd Unesco stadsgezicht, ieder jaar verzekerd van een ton overwaarde; nu leven we feitelijk in een krottenwijk. Want de bouw van de huizen in de buurt is zo robuust als de omstandigheden die ze kunnen weerstaan. En die omstandigheden zijn veranderd. 

Sinds een paar jaar gaat er in de zomer geen week voorbij zonder dat het hagelt. Meer opstijgende warmte betekent meer botsingen tussen warme en koude lucht, meer ijskristallen, meer hagel. Juist in de zomer. En een lawaai!

“Hagelstenen” verder lezen

Eclips

Kortverhaal

Afbeelding: Studio Koebeen. Copyright: papieren helden

Er is een nieuw literair tijdschrift: papieren helden. Met prachtige verhalen van o.a. Jente Posthuma, Manik Sarkar, Leonieke Baerwaldt, Liedewij Vogelzang, Lena Kurzen en Tjitske Jansen. En sinds kort ook van yours truly! Mijn kortverhaal Eclips staat nu in editie 5: Verfomfaaid. Je leest het hier.

Papieren helden experimenteert met een mecenaat voor schrijvers: voor een tientje per maand word je abonnee, en steun je de makers. Je kunt ook specifieke schrijvers uitkiezen die je extra wilt ondersteunen (nudge nudge, wink wink). Papieren helden publiceert iedere maand een nieuwe editie, met ongeveer tien verhalen. Doen dus!

“Eclips” verder lezen

Oude Meesters

Essay

Foto: website Armada

Het leuke aan een leesclub is dat je boeken leest die je anders niet zo snel zou lezen. Een paar jaar geleden was dat Alte Meister, van de Oostenrijkse schrijver Thomas Bernhard. Dat viel niet mee: een eindeloos fulminerende verteller, geen alinea’s en witregels, en ik had ook nog geen Nederlandse vertaling. Dus gaf ik het al snel op.

In 2019 volgde ik bij De Nieuwe Garde een masterclass essayschrijven. De witregel in de literatuur, dat moest mijn onderwerp worden, dus ik pakte dat vreselijke Alte Meister er maar weer bij.

“Oude Meesters” verder lezen

Happy Chick

Albert Camus – by Anna Bolten

We moeten ons Sisyphus als een gelukkig mens voorstellen.

Dat schreef de Franse filosoof Albert Camus. De held uit de Griekse mythe was in opstand gekomen tegen de goden, en werd gestraft met zinloosheid: gedoemd om dag in dag uit een rots tegen een berg op te duwen, die vervolgens naar beneden rolde, waarop zijn zware taak opnieuw begon – tot in de eeuwigheid. Dit lot maakt Sisyphus tot de ideale absurde held; en ook wij, beweert Camus, moeten de absurditeit van ons leven omarmen en zo overwinnen.  

“Happy Chick” verder lezen

In Quarantaine

Philip Roth, Nemesis (detail)

Ik lees nu Nemesis van Philip Roth – een van de leestips van Michel Krielaars voor in tijden van Covid-19. Tijdens de bloedhete zomer van 1944 breekt in New Jersey een polio-epidemie uit. De jonge gymleraar Bucky Cantor begeleidt een groep kinderen op een openbaar speelveld in Newark. Hij probeert zo goed mogelijk voor de kinderen te zorgen, maar gaandeweg raken steeds meer kinderen besmet met polio en grijpt de angst voor het virus om zich heen.

Bij zijn wandeling langs de blokbewoners zag hij vrouwen zich koelte toewuiven met de papieren waaiers die een buurtstomerijtje gratis aan zijn klanten verstrekte, en zag hij arbeiders, net thuis van de fabriek, in hun onderhemd met elkaar zitten praten, en het woord dat hij keer op keer opving uit de flarden gesprek was, natuurlijk, ‘polio’. (p. 58)

“In Quarantaine” verder lezen

Ik ben regen

Marguerite Duras

Terwijl anderen deelnemen aan de Women’s March of evenementen bezoeken, breng ik deze Internationale Vrouwendag met een dekentje op de bank door. Hoestend, kuchend en piepend. Lezend, tv-kijkend, twitterend.

Ik lees de dichtbundel Kameleon van Charlotte van den Broeck. Deze debuutbundel, staat op de achterzijde, ‘onderneemt een roadtrip naar een mogelijke vrouwelijke identiteit, die ergens tussen lichaam en taal geconstrueerd wordt.’

“Ik ben regen” verder lezen

Baby Octopus

Toen ik op de middelbare school zat, was ineens Umberto Eco’s Slinger van Foucault een culthit. Het gerucht ging dat het een briljant boek was, maar ook dat het onleesbaar was. Een vriend, die zelf ook briljant was, ging zich eraan wagen. En? vroeg ik, heb je het uit? Wat vond je ervan? 

Tja, begon hij, je kunt het eigenlijk pas begrijpen na de tweede keer lezen. Oké, antwoordde ik, maar waar gaat het over? Hij: dat kan ik dus pas vertellen als ik het een tweede keer gelezen heb. En daar hield hij het bij. 

“Baby Octopus” verder lezen